Vorige

Volgende

B. Het Wedstrijdformulier


B.1.

Het wedstrijdformulier zoals getoond in Tekening 8, is het formulier dat door de NBB is goedgekeurd (op basis van het scoreformulier van de FIBA Technische Commissie).



Tekening 8. Wedstrijdformulier


B.2

Het wedstrijdformulier van FIBA is afwijkend en bestaat uit één (1) origineel en drie (3) kopieën, op papier van verschillende kleuren. Het witte origineel is voor de FIBA. De blauwe eerste kopie is voor de organiserende instantie van de competitie, de roze tweede kopie voor het team dat gewonnen heeft en de gele laatste kopie voor het team dat verloren heeft.

Het wedstrijdformulier van de NBB bestaat uit één (1) origineel en drie (3) kopieën, op papier van verschillende kleuren. Het witte origineel is voor de NBB. De gele kopie is voor het team dat verloren heeft en de roze kopie voor het team dat gewonnen heeft.


Opmerking:

Het wordt aanbevolen, dat de scorer twee pennen met verschillende kleuren gebruikt, één voor de eerste en derde periode en één voor de tweede en vierde periode.

Het is toegestaan, het wedstrijdformulier elektronisch voor te bereiden en te voltooien.


Tekening 9. Kop Wedstrijdformulier


B.3.

Minstens 20 minuten voor het begin van de wedstrijd moet de scorer het wedstrijdformulier op de volgende wijze voorbereiden:


B.3.1.

Hij dient de namen van de beide teams te noteren in de ruimte aan de bovenkant van het wedstrijdformulier. Team A is altijd het thuisspelende team of bij toernooien of wedstrijden op neutraal terrein, het team dat als eerste in het programma wordt genoemd. Het andere team is team ‘B’.


B.3.2.

Hij zal dan invullen:


B.3.3.

Team ‘A’ beslaat de bovenste helft van het wedstrijdformulier en team ‘B’ de onderste helft.


B.3.3.1.

In de eerste kolom moet de scorer het nummer (de laatste drie cijfers) van de spelerslicentie invullen. Bij toernooien dient het nummer van de spelerslicentie alleen bij de eerste wedstrijd van het team te worden ingevuld.


B.3.3.2.

In de tweede kolom moet de scorer de naam van de speler en zijn voorletters in BLOKLETTERS invullen, naast het nummer dat de speler zal dragen tijdens de wedstrijd, waarbij hij gebruik maakt van de lijst, zoals deze door de coach of zijn vertegenwoordiger is overhandigd. De aanvoerder van het team wordt aangeduid door direct achter zijn naam (CAP) te noteren.


B.3.3.3.

Indien een team met minder dan twaalf (12) spelers vertegenwoordigd is, dient de scorer een lijn te trekken door de ruimtes bestemd voor het licentienummer, naam, nummer enz. van de speler(s) die niet aan de wedstrijd zullen deelnemen.


B.3.4.

Onder aan het deel van het wedstrijdformulier dat voor iedere team bestemd is, moet de scorer de naam van de coach en de assistent-coach van de betreffende team in BLOKLETTERS invullen.


B.4.

Uiterlijk tien (10) minuten voor de wedstrijd moeten de beide coaches:


B.4.1.

Hun goedkeuring geven aan de namen en de daarbij behorende nummers van de leden van hun team.


B.4.2.

De namen van de coach en assistent-coach bevestigen.


B.4.3.

De vijf (5) spelers aangeven die de wedstrijd zullen beginnen, door het plaatsen van een kleine ‘x’ naast het nummer in de kolom ‘Speler in’.


B.4.4.

Het wedstrijdformulier ondertekenen.

De coach van team ‘A’ moet als eerste bovenstaande informatie verstrekken.


B.5.

Bij aanvang van de wedstrijd moet de scorer een kleine cirkel trekken rond de kleine ‘x’ van de vijf (5) spelers van iedere team, waarmee de wedstrijd wordt begonnen.


B.6.

Tijdens de wedstrijd, wanneer een vervanger voor de eerste keer op het speelveld komt, dient hij een kleine ‘x’ (niet omcirkeld) naast het nummer in de kolom ‘Speler in’ aan te brengen.


B.7 Time-out


B.7.1.

Verleende time-outs tijdens iedere helft of verlenging dienen op het wedstrijdformulier te worden geadministreerd, door het aanbrengen van de minuut van de speeltijd van de periode of verlenging in de daarvoor bestemde vakjes onder de naam van het betreffende team.


B.7.2.

Aan het einde van iedere periode of verlenging moeten niet gebruikte vakjes door middel van twee evenwijdige strepen worden aangegeven. Wanneer een team, voor de laatste twee (2) minuten van de tweede helft, geen time-out is toegekend, dan zal de scorer twee (2) horizontale lijntjes zetten in het eerste vakje van de time-outs van de tweede helft voor dat team.


B.8 Fouten


B.8.1.

Spelersfouten kunnen zijn persoonlijke, technische, onsportieve of diskwalificerende en worden ten laste van de speler genoteerd.


B.8.2.

Fouten begaan door coaches, assistent-coaches, vervangers en teambegeleiders, zijn technische of diskwalificerende fouten en worden ten laste van de coach genoteerd.


B.8.3.

Alle fouten dienen als volgt te worden genoteerd:


B.8.3.1.

Een persoonlijke fout door middel van de minuut waarin de fout werd begaan.


B.8.3.2.

Een technische fout ten laste van een speler: door middel van de minuut waarin de fout werd begaan, gevolgd door toevoeging van een ‘T’ schuin boven de minuut, bijv. 8T. Een tweede technische fout, vindt op dezelfde wijze plaats, gevolgd door een ‘GD’ in het volgende vakje.


B.8.3.3.

Een technische fout ten laste van de coach voor diens persoonlijk onsportief gedrag: door middel van de minuut waarin de fout werd begaan, gevolgd door toevoeging van een ‘C’ schuin boven de minuut, bijv. 8C. De notatie van een tweede gelijksoortige technische fout, vindt op dezelfde wijze plaats, gevolgd door een ‘GD’ in het volgende vakje.


B.8.3.4.

Een technische fout ten laste van de coach voor iedere andere reden: door middel van de minuut waarin de fout werd begaan, gevolgd door een ‘B’ schuin boven de minuut, bijv. 4B. Een derde technische fout (waarvan één een ‘C’ kan zijn) vindt op dezelfde manier plaats (‘B” of ‘C’) gevolgd door een ’GD’ in het volgende vakje.


B.8.3.5.

Een onsportieve fout: door middel van de minuut waarin de fout werd begaan, gevolgd door toevoeging van een ‘U’ schuin boven de minuut, bijv. 6U. De notatie van een tweede onsportieve fout vindt op dezelfde wijze plaats, gevolgd door een ‘GD’ in het direct daarop volgende vakje.


B.8.3.6.

Een diskwalificerende fout: door middel van de minuut waarin deze werd begaan, gevolgd door toevoeging van een ‘D’ schuin boven de minuut, bijv. 5D.


B.8.3.7.

Een persoonlijke fout die vrije worp(en) tot gevolg heeft: door middel van de minuut waarin deze werd begaan, gevolgd door toevoeging van het aantal vrije worpen (1, 2 of 3) schuin boven de minuut, bijv. 91,92 of 93.


B.8.3.8.

Alle fouten begaan door beide teams, waarvan de straffen van gelijke zwaarte zijn en weggestreept worden volgens Art. 42: door middel van de betreffende minuut waarin de fout werd begaan, gevolgd door toevoeging van een kleine letter ‘c’ schuin boven de minuut, bijv. 3c.


B.8.3.9.

Aan het einde van iedere periode dient de scorer een dikke lijn te trekken tussen de ruimtes die gebruikt zijn en de ongebruikte ruimtes.

Aan het einde van de speeltijd moet de scorer de overgebleven lege ruimtes met een dikke horizontale streep doorhalen.


B.8.3.10. Voorbeelden van diskwalificerende fouten:

Diskwalificerende fouten begaan door coaches, assistent-coaches, vervangers en teambegeleiders voor het verlaten van het spelersbankgebied (Art. 39), dienen te worden genoteerd zoals hieronder aangegeven. In alle resterende vakjes van de gediskwalificeerde dient een ‘F’ te worden ingevuld.


Indien alleen de coach is gediskwalificeerd:


Indien alleen de assistent-coach is gediskwalificeerd:


Indien zowel de coach als de assistent-coach zijn gediskwalificeerd:


Indien de vervanger minder dan vier (4) fouten had, wordt er in de resterende vakjes een ‘F’ ingevuld:


Indien het de vijfde fout van de vervanger is, wordt er in het laatste vakje de betreffende minuut, door ‘F’ gevolgd, ingevuld:


Indien de vervanger reeds vijf (5) fouten had begaan (= uitgesloten van de wedstrijd - fouled out), dient er in het laatste vakje een kruis (X) te worden aangebracht:


Bovendien dient er volgens bovenstaande voorbeelden van de spelers Smith, Jones en Rush, of indien een teambegeleider gediskwalificeerd is, een technische fout te worden genoteerd:

Opmerking: Technische of diskwalificerende fouten volgens Art.39, dienen niet voor de teamfouten mee te tellen.


B.8.3.11.

Een diskwalificerende fout door een vervanger begaan (niet volgens Art.39), dient als volgt te worden genoteerd:

En



B.8.3.12.

Een diskwalificerende fout door een assistent-coach begaan (niet volgens Art.39), dient als volgt te worden genoteerd:


B.8.3.13.

Een diskwalificerende fout door een speler begaan die reeds zijn vijfde fout had behaald (niet volgens Art.39), dient als volgt te worden genoteerd:

En



B.9 Teamfouten


B.9.1.

Op het wedstrijdformulier staan er bij iedere periode vier (4) vakjes (direct onder de naam van het team en boven de namen van de spelers), waarin de teamfouten genoteerd moeten worden.


B.9.2.

Telkens wanneer een speler een persoonlijke, technische, onsportieve of diskwalificerende fout begaat, dient de scorer deze fout ten laste van het team van die speler te noteren, door achtereenvolgens een grote ‘X’ te zetten in de daarvoor bestemde vakjes.


B.10 Het noteren van de doorlopende score


B.10.1.

De scorer moet een chronologisch overzicht bijhouden van de punten die door beide teams zijn gemaakt.


B.10.2.

Voor dit scoreverloop zijn er op het wedstrijdformulier vier (4) kolommen aangebracht.


B.10.3.

Iedere kolom is weer in vijf (5) kolommen onderverdeeld: De beide kolommen aan de linker en rechterzijde van de gearceerde ‘M’ kolom zijn bestemd voor de notatie van het spelersnummer (eerste en vierde kolom) en de score (tweede en vijfde kolom) van de beide teams. In de ‘M’ kolom vindt de notatie van de minuten plaats.


De scorer dient:


Tekening 11. Doorlopende Score


B.11. Het noteren van de doorlopende score: Extra aanwijzingen


B.11.1.

Een velddoelpunt dat drie (3) punten oplevert, moet worden aangegeven door een cirkel te trekken rond het nummer van de speler.


B.11.2.

Een velddoelpunt per ongeluk door een speler in de eigen basket gemaakt, moet worden genoteerd als te zijn gemaakt door de aanvoerder van de tegenpartij, die zich op het speelveld bevindt


B.11.3.

Punten gemaakt terwijl de bal niet door de basket gaat (Art.31 Goaltending en Interference), worden genoteerd als te zijn gemaakt door de speler die de velddoelpoging ondernomen heeft.


B.11.4.

Aan het einde van iedere periode dient de scorer een dikke cirkel (O) te plaatsen rond het laatste getal van de punten gemaakt door beide teams en een dikke horizontale streep te trekken over de hele kolombreedte onder de laatste aantekening. Onder deze streep de omcirkelde score over te nemen.


B.11.5.

Aan het begin van de tweede helft, dient de scorer de letters A en B onder de horizontale streep in de betreffende kolommen verwisseld te noteren en hieronder de bijbehorende bereikte eindstand van de eerste helft.


B.11.6.

Telkens als het mogelijk is, moet de scorer zijn score met het zichtbare scorebord vergelijken. Als er een verschil is en zijn score de juiste is, moet hij onmiddellijk stappen ondernemen, opdat de stand op het scorebord verbeterd wordt. In geval van twijfel, of als één van de teams het met de verbetering niet eens is, dient hij de hoofdscheidsrechter onmiddellijk in te lichten, zodra de bal dood is en de wedstrijdklok stilstaat.

Home